Typologie(ën)

woning

Ontwerper(s)

Gustave STRAUVENarchitect1899

Statut juridique

Beschermd sinds 30 maart 2006

Stijlen

Art nouveau

Inventaris(sen)

  • Actualisatie van de Urgentie-Inventaris (Sint-Lukasarchief - 1993-1994)
  • Actualisatie van het inventarisatieproject van het Bouwkundig Erfgoed (DMS-DML - 1995-1998)
  • Urgentie-inventaris van het bouwkundig erfgoed van de Brusselse agglomeratie (Sint-Lukasarchief 1979)
  • Het monumentale erfgoed van België. Brussel Uitbreiding Oost (Apeb - 2006-2009)

Onderzoek en redactie

2006-2008

id [nl]

Urban : 18382
lees meer

Beschrijving

Huis in art nouveauInternationale beweging (1893 - ca. 1914) als reactie op de ‘neo’-stijlen, maar met sterk lokale verschillen. In België kent de stijl twee stromingen, namelijk de florale art nouveau met Victor Horta als boegbeeld en anderzijds de geometrische art nouveau beïnvloed door Paul Hankar of de Wiener Secession. n.o.v. architect Gustave Strauven, 1899.

Gevel in lichte baksteen met elementen in oranje baksteen die banden vormen van verschillende hoogte en elementen in kunstig bewerkte hardsteen. Twee ongelijke traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) tussen pilastersPlatte, weinig uitspringende muurpijler, vaak met basis en kapiteel. die op verschillende hoogte vertrekken en rusten op stenen lampettenNeerwaartse beëindiging, afhangende versiering als aanzet van een balkon of erker.. Gebogen sokkel. Muuropeningen onder steekboogBoog die minder dan een halve cirkel beschrijft; boog in de vorm van een cirkelsegment. Bij vensters spreekt men dan van een getoogd venster of steekboogvenster. of korfboogBoog samengesteld uit een aantal ineenvloeiende cirkelbogen die samen nagenoeg een liggende ellips vormen., die van hoofdtraveeBredere en rijker uitgewerkte travee, meestal van een huis met asymmetrische compositie; vaak in risaliet en onder bekronende topgevel. met tussendorpelStenen dorpel die een deur of venster horizontaal in tweeën deelt. of I-balkIJzeren latei met I-profiel. op posten en geprofileerde kussenblokken1. Dekplaat dat ligt tussen de drager (kapiteel) en het gedragene (balk of boog); 2. Kwartronde kraagsteen van een venster- of deurboog.. Deur onder stenen tussendorpelStenen dorpel die een deur of venster horizontaal in tweeën deelt. en vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. onder archivoltGeprofileerde of versierde omlijsting van een boog.; gecementeerdeMet portlandcement bestrijken. borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust., vroeger geornamenteerd. Op benedenverdieping van hoofdtraveeBredere en rijker uitgewerkte travee, meestal van een huis met asymmetrische compositie; vaak in risaliet en onder bekronende topgevel. gekoppeldeTwee of meerdere identieke bouwelementen (vensters, zuilen, pilasters) die tot een groter (symmetrisch) geheel zijn samengevoegd. venstersLicht- en/of luchtopening in een muur., alleen van souterrainvensters gescheiden door stenen onderdorpel. Op verdieping drielichtGroep van drie smalle vensters binnen dezelfde omlijsting, onderling gescheiden door deelzuiltjes of stijlen/monelen; centraal venster soms hoger dan beide andere. met metalen stijlen, onder ontlastingsboogBoog boven een venster- of deuropening die druk van het muurwerk op de stijlen afwentelt en zo het linteel ontlast. waarin boogveldEen vlak omsloten door de binnenbegrenzing van een boog en de horizontale lijn die de aanzetten verbindt; meestal boven muuropeningen en soms versierd (beeldhouwwerk, blinde traceringen, cementtegels, …). verdeeld door twee stenen stijlen; boogveldEen vlak omsloten door de binnenbegrenzing van een boog en de horizontale lijn die de aanzetten verbindt; meestal boven muuropeningen en soms versierd (beeldhouwwerk, blinde traceringen, cementtegels, …). thans gecementeerdMet portlandcement bestrijken., oorspronkelijk met decor.

Saint-Quentinstraat 30, balkon (Foto Ch. Bastin & J. Evrard © MBHG).

Gewelfd balkon met ijzeren borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust. op ongelijke smeedijzeren consolesVoornamelijk voluut- of S-vormig kraagstuk, soms ook louter decoratief. met zweepslaglijnen, doorlopend  in borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust.. Deze consolesVoornamelijk voluut- of S-vormig kraagstuk, soms ook louter decoratief. rusten op hun beurt op stenen consolesVoornamelijk voluut- of S-vormig kraagstuk, soms ook louter decoratief. die lateraal stijl vormen van bovenlichtenBovenste gedeelte van een raam- of deurkozijn, gescheiden door een dwarsregel; soms voorzien van glas-in-lood en/of roeden. van benedenverdieping. Breed uitstekende kroonlijstStelselmatig uitkragende geprofileerde lijst boven een muur of een ander belangrijk bouwdeel (entablement). op houten korbelen1. Diagonale houten balk ter ondersteuning van overkragende elementen zoals een luifel, een kroonlijst,…; 2. Balk om de verbinding tussen trekker en spantbeen in een kapspant te versterken.. MansardedakGebroken kap of Frans dak met met steile ondervlakken en licht hellende bovenvlakken. van voor 1949; op hoofdtraveeBredere en rijker uitgewerkte travee, meestal van een huis met asymmetrische compositie; vaak in risaliet en onder bekronende topgevel. grote dakkapelUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap..

Bewaard schrijnwerkVerzameling van al het (niet-constructief) houten materiaal zoals deuren, vensterkozijnen, erkeronderdelen, kroonlijst, …; bij uitbreiding ook materiaal in aluminium, PVC, ...  met roedeverdeling. Glas-in-loodramen met elementen in neo-Vlaamse renaissanceVlaams renaissance (vanaf 16e eeuw). Stijl die elementen uit de Italiaanse renaissance toepast op de traditionele bak- en zandsteenstijl. De neo-Vlaamse renaissance (ca 1860-1914) grijpt vanuit een nationalistische tendens terug naar de Vlaamse renaissance en haar specifieke ornamentiek. De stijl kenmerkt zich door een polychroom materiaalgebruik en een volumespel d.m.v. erkers, torentjes, trapgevels, enz.: bovenlichtenBovenste gedeelte van een raam- of deurkozijn, gescheiden door een dwarsregel; soms voorzien van glas-in-lood en/of roeden. van benedenverdieping met bloemmotieven, dat van deur met vrouwenprofiel in medaillonRonde of ovale cartouche.; op verdieping drielichtGroep van drie smalle vensters binnen dezelfde omlijsting, onderling gescheiden door deelzuiltjes of stijlen/monelen; centraal venster soms hoger dan beide andere. volledig in glas-in-lood met vier personages op landschapsachtergrond, in omlijsting van rankwerkVersiering bestaande uit een buigzame, slingerende tak, versierd met lofwerk..

Interieur
Tussen voorste en centraal vertrek van benedenverdieping, groot korfboogvenster van latere datum; metalen deur met glas-in-lood in rococo. TrappaalHoofdbaluster aan de eerste trede van een trap. met opmerkelijke gesculpteerde saterkop.

Beschermd op 30.03.2006.

Bronnen

Archieven
SAB/OW 21435 (1899), 58806 (1949).

Publicaties en studies
BORSI, F., WIESER, H., Bruxelles capitale de l'Art Nouveau, coll. Europe 1900, Franse vertaling J.-M. Van der Meerschen, Marc Vokaer éd., Brussel, 1992, pp. 145-147, 149.
DE PANGE, I., SCHAACK, C., 400 façades étonnantes à Bruxelles, Aparté, Brussel, 2003, p. 209.
DIERKENS-AUBRY, F., VANDENBREEDEN, J., Art nouveau en Belgique. Architecture et Intérieurs, Racine, Brussel, 1991, pp. 76-78.
LOZE, P. en F., Belgique Art Nouveau. De Victor Horta à Antoine Pompe, Eiffel Éditions, Brussel, 1991, pp. 135-138.
VANDENBREEDEN, J., VAN SANTVOORT, L., DE THAILLE, P., et al., Encyclopédie de l'Art nouveau. Tome premier. Le quartier Nord-Est à Bruxelles, CIDEP, Brussel, 1999, p. 142.

Tijdschriften
LEHÉ, I., ‘Gustave Strauven, Maisons d'Hier et d'Aujourd'hui, 57, 1983, pp. 24-35.

Opmerkelijke bomen in de nabijheid