Typologie(ën)

burgerwoning

Ontwerper(s)

Georges SERVAISarchitect1923

Stijlen

Beaux-Artsstijl
Art deco

Inventaris(sen)

  • Actualisatie van de Urgentie-Inventaris (Sint-Lukasarchief - 1993-1994)
  • Actualisatie van het inventarisatieproject van het Bouwkundig Erfgoed (DMS-DML - 1995-1998)
  • Het monumentale erfgoed van België. Etterbeek (DMS-DML - 1994-1997)

Onderzoek en redactie

1993-1995

id [nl]

Urban : 15539
lees meer

Beschrijving

Huis in Beaux-ArtsstijlArchitectuurstroming (ca. 1905-1930) met reminiscenties aan de grote Franse architectuurstijlen uit de 18e eeuw. Rijk en zorgvuldig gedecoreerde gevels in natuursteen en/of simili of in combinatie met baksteen. Borstweringen en poorten in fraai uitgewerkt smeedwerk., getekend op gevel, n.o.v. arch. Georges SERVAIS, 1923.

Drie bouwlagen en op verdiepingen twee traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) onder mansardedakGebroken kap of Frans dak met met steile ondervlakken en licht hellende bovenvlakken.. Gevel in blauwe hardsteen, (simili)natuursteen en rode baksteen op arduinen plint. Op begane grond deur tussen twee brede rechthoekige venstersLicht- en/of luchtopening in een muur. met afgeronde hoeken. Het linker vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. uit 1957, ter vervanging van de oorspronkelijke garagepoort, die zich nu ter hoogte van kelderverd. bevindt. Op verdiepingen rechthoekige muuropeningen. In tweede bouwlaag natuurstenen trapezoïdale erkerRechthoekig of veelhoekig uitbouwsel, als het ware op de gevel geplakt en daardoor deel uitmakend van de achterliggende ruimte; vaak over één of meer verdiepingen gestapeld. op centrale consoleVoornamelijk voluut- of S-vormig kraagstuk, soms ook louter decoratief. waarin vier venstersLicht- en/of luchtopening in een muur. op doorlopende  lekdrempel ; bewerkte lateien en gecanneleerde panelen op borstweringen1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust.. Bekronend balkon met gemetselde, gedeeltelijk opengewerkte leuning. In laatste bouwlaag tweelicht met deurvensters in geriemde omlijsting met orenUitstekend deel van sommige bouwelementen of -constructies, meestal louter decoratief., bekronende guirlandefries. Rechter traveeVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) verlicht door tweelichtenTweedelige lichtopening, door deelzuiltje gesplitst. in natuurstenen omlijsting die identiek is aan die van hoofdtraveeBredere en rijker uitgewerkte travee, meestal van een huis met asymmetrische compositie; vaak in risaliet en onder bekronende topgevel.. Borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust. van bovenste bouwlaag met floraal reliëf. Stenen kroonlijstStelselmatig uitkragende geprofileerde lijst boven een muur of een ander belangrijk bouwdeel (entablement).. Bekronende attiekbalustrade. Twee rechthoekige dakkapellenUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap..

Bronnen

Archieven
GAEtt./OW 3058 (1923), vergunning nr 388 (1957).

Opmerkelijke bomen in de nabijheid