Van Generaal Tombeurstraat naar Koning Overwinnaarplein. Lange en geknikte straat, geopend in 1926. Over haar gehele lengte loopt een middenberm, aangelegd in 1952. Huidige benaming naar een schepen van Etterbeek.

Het straatbeeld wordt voornamelijk bepaald door de bebouwing uit de jaren 1920-1930, meestal bakstenen gevels met gebruik van similisteen voor banden en aanzetstenen, veelal met drie bouwlagen, cfr Nr. 10 (arch. Jean FINNÉ, 1926), 16 (arch. Jean FINNÉ, 1928), 22 (1928), 41 (1927), 47 (1926), 62 (arch. Pierre VAN MEERBEEK, 1928), 64 (arch. Pierre VAN MEERBEEK, 1931) ; soms als ensemble opgevat, cfr Nr. 12, 14 (arch. Jean FINNÉ, 1926-1927). Typerend zijn de panden van de Etterbeekse Haard, cfr nr. 70 (hoekgebouw J. Massartstraat) uit 1929, n.o.v. arch. Léon LEGRAND, in de decoratief uitgewerkte hoektravee gedenkplaat met profiel van Oscar Velghe en opschrift "LE FOYER ETTERBEEKOIS / A SON PRESIDENT OSCAR VELGHE / 1920-1932". Nr. 72 tot 76 (arch. Jean TIMMERMANS, 1927) ; Nr. 78 (hoekge-bouw Fort van Boncellestraat) arch. Jacques DE COSTER, 1926, getekend en gedateerd op de gevel. Achter de panden werd voor de bewoners een gemeenschappelijke binnentuin aangelegd (zie ook J. Massartstraat, Grote Haagstraat en Fort van Boncellesstraat). De homogeniteit wordt doorbroken door een aantal moderne appertementsgebouwen.
Bekijk de weerhouden gebouwen

Bronnen

Archieven
B Regent 26.10.1949.
GR 10.3.1921.
BC 1922, p. 343, 1927, p. 230, 1929, p. 487.
RC 1952.
GAEtt./OW 8060, 8535, 8777 (1926), 455, 797 (1927), 1820, 1829, 2543 (1928), 8444 (1931).