Typologie(ën)

appartementsgebouw

Ontwerper(s)

Henri TAMINEarchitect1912

Juridisch statuut

Ingeschreven in de wettelijke inventaris op 19 augustus 2024

Stijlen

Art nouveau

Inventaris(sen)

Dit (deze) goed(eren) bezit(ten) de volgende waarde(n)

Onderzoek en redactie

1993-1995

id

Urban : 13768
lees meer

Beschrijving

Appartementsgebouw van art-nouveau-inspiratie n.o.v. arch. Henri TAMINE, 1912.

Gevel in beschilderde simili-natuursteen van vier bouwlagen en drie ongelijke traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) op arduinen plintHoge plint van een gevel; fungeert als voetstuk in ordonnantie van de gevel. met twee langwerpige kelderopeningen in de vorm van schietgaten. In ingangstravee rechthoekige vleugeldeur met tralies en bovenvenster, ingeschreven in rondboogBoog waarvan de kromming een halve cirkel beschrijft.. Overige muuropeningen eveneens rondbogig. Op de verdiepingen deurvenster met balkon op twee consolesVoornamelijk voluut- of S-vormig kraagstuk, soms ook louter decoratief., arduinen plintHoge plint van een gevel; fungeert als voetstuk in ordonnantie van de gevel., ijzeren leuning. Rechts twee identieke traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...). Muuropeningen ingeschreven in twee doorlopende  hoefijzerboogvormige nissenUitsparing in de dikte van een muur, kan rechthoekig zijn of onder een boog, achtervlak kan vlak, segmentvormig, halfrond of gebogen zijn; diepe nis voor standbeeld., van mekaar gescheiden door monumentaleZuilen of pilasters die over de volle hoogte of over meer dan één verdieping opgaan, onafhankelijk van de door vensters en bouwlagen gegeven maten. pilasterPlatte, weinig uitspringende muurpijler, vaak met basis en kapiteel. met Corinthisch kapiteelKopstuk van een zuil, pijler of pilaster; algemeen om de gedragen last op een smaller draagvlak over te brengen.. TweelichtenTweedelige lichtopening, door deelzuiltje gesplitst. in eerste twee bouwlagen, drielichtenGroep van drie smalle vensters binnen dezelfde omlijsting, onderling gescheiden door deelzuiltjes of stijlen/monelen; centraal venster soms hoger dan beide andere. op laatste twee verdiepingen. Muuropeningen met doorlopende  arduinen lekdrempels en MoorsDe Moorse stijl, ook vaak aangeduid als Maureske stijl of Arabiserende stijl, is een 19e -eeuwse stroming die teruggrijpt op de architectuur van het middeleeuwse islamitische Westen — in het bijzonder het Al-Andalus van de 8e tot 15e eeuw (Cordoba, Granada, Sevilla), maar ook op Noord-Afrikaanse en soms Ottomaanse voorbeelden. In Brussel ontwikkelde deze stijl zich tussen circa 1850 en 1914, grotendeels binnen het kader van het eclecticisme en de toenemende Europese fascinatie voor het Oosten. De neiging om exotische stijlen te imiteren werd gestimuleerd door: de romantische literatuur en reisverhalen, de Wereldtentoonstellingen, waar Oriëntaalse paviljoenen zeer populair waren, het sociaal-cultureel prestige van arabeske ornamentiek, de groei van een burgerlijke cultuur die op zoek was naar nieuwe, luxueuze fantasiewerelden. De Moorse stijl werd in Brussel niet zo massaal toegepast als andere neostijlen, maar kreeg wel een duidelijke aanwezigheid in specifieke gebouwtypes: theaters, feestzalen, synagogen, badhuizen, wintertuinen en privé-interieurs. De stijl valt op door zijn decoratieve overdaad, zijn gebruik van geometrische ritmes en zijn voorkeur voor kleur en lichtcontrasten. Het gaat zelden om een structurele toepassing van Moorse bouwprincipes; meestal betreft het een ornamentaliserende schil die wordt gelegd over een westers bouwschema. Typische kenmerken zijn: vormelijke en ruimtelijke elementen zoals hoefijzerbogen, polylobbenbogen en arcades; stalactietgewelven, vaak in stucwerk; koepel- of pseudo-koepelstructuren; gebruik van binnenhoven en galerijen in grotere complexen. Inzake decoratie en materiaalgebruik: arabesken, florale motieven, geometrische patronen; kleurrijke polychromie in tegels, glas-in-lood, schilderwerk; rijk stucwerk en pleisterornamenten; mashrabiya; inscripties of pseudo-Arabische calligrafie als ornament. Ook opvallend zijn de overdaad aan kleuren en het creëren van sfeer, zodoende: vibrante kleurcontrasten (rood, oker, blauw, turkoois, goud); spel van schaduw en licht in geperforeerde ornamentiek en luxueuze, theatrale sfeer. aandoende, gekoppeldeTwee of meerdere identieke bouwelementen (vensters, zuilen, pilasters) die tot een groter (symmetrisch) geheel zijn samengevoegd. hoefijzerboogvormige waterlijstenVooruitspringende rand in het gevelvlak die regenwater buiten gevel laat afdruppelen.. Vijf steigergatenGat aan de bovenzijde van een gevel waarin de horizontale dwarsbalken van een steiger werden bevestigd; vaak afgedekt door smeedijzeren (sier)deksel.. KroonlijstStelselmatig uitkragende geprofileerde lijst boven een muur of een ander belangrijk bouwdeel (entablement)..

 


Bronnen

Archieven
GAEtt./OW 1716 (1912).