Typologie(ën)

herenhuis

Ontwerper(s)

Daniel FRANCKENarchitect1888

Stijlen

Neo-Vlaamse renaissance

Inventaris(sen)

  • Het monumentale erfgoed van België. Schaarbeek (Apeb - 2010-2015)

Onderzoek en redactie

2012-2013

id [nl]

Urban : 21831
lees meer

Beschrijving

Voormalig herenhuis in neo-Vlaamse renaissanceVlaams renaissance (vanaf 16e eeuw). Stijl die elementen uit de Italiaanse renaissance toepast op de traditionele bak- en zandsteenstijl. De neo-Vlaamse renaissance (ca 1860-1914) grijpt vanuit een nationalistische tendens terug naar de Vlaamse renaissance en haar specifieke ornamentiek. De stijl kenmerkt zich door een polychroom materiaalgebruik en een volumespel d.m.v. erkers, torentjes, trapgevels, enz., n.o.v. architect Daniel Francken, gedateerd op de top van de gevel “ANNO 1888”.

Het huis werd gebouwd langs de oude Kleine Bosstraat. Het had vier traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) en een voortuintje afgesloten door een muur; achteraan lag een uitgestrekt terrein. In 1905 werd het gebouw opgesplitst in twee woningen van elk twee traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...); nr. 35 bewaarde het terrein achteraan, waarvan slechts een klein stukje werd weggenomen voor een tuintje voor nr. 37. Rond 1909 werd het terrein op nr. 35, dat aanzienlijk was verkleind door de aanleg van de Louis Bertrandlaan, afgesloten door een muur aan die straatkant (nr. 117). In 1960 werd de binnenplaats in twee verdeeld, en op het deel op nr. 37 werd vier jaar later een garage gebouwd.

Edouard Fiersstraat 35-37, plan benedenverdieping, opstand en doorsnede van de gevel, GAS/DS 72-35 (1888).

Op nr. 35 en 37 Edouard Fiersstraat, bakstenen gevel met elementen in hardsteen en witsteen. OnderbouwHoge sokkel, reikend tot ongeveer het midden van de toegang; meestal in hardsteen. met breuksteenMetselwerk bestaande uit brokken onregelmatige natuursteen.. Opstand van twee bouwlagen en vier traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...). De meeste muuropeningen onder doorlopende  latei. De eerste traveeVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) is breder en is verhoogd met een bouwlaag met topgevelHoogste deel van een gevel, vaak driehoekig en/of getrapt. voorzien van gekoppeldeTwee of meerdere identieke bouwelementen (vensters, zuilen, pilasters) die tot een groter (symmetrisch) geheel zijn samengevoegd. venstersLicht- en/of luchtopening in een muur., op de verdiepingen met zuil- of pilastervormige stijlen, gevat in een rondbogige arcadeEén of meerdere bogen, steunend op zuilen of pijlers; kan ook blind zijn. met sleutelSluitsteen van een opening; weerhoudt de gewelfstenen in een boog of gewelf. als mascaronGehouwen versiering onder de vorm van een (fantastisch) mensen- of dierenmasker.. Balkon met balustradeHekwerk van spijlen of balusters. op de eerste verdieping. CartouchesOmlijsting van een uitspringend vlak in de vorm van ingesneden en omkrullend papier of leer; vaak met opschrift of intern versierd. met rolwerkOrnament in de vorm van in- en uitzwenkende, bandvormige krullen., de ene met het spreekwoord “Oost West t'Huys best”, de andere met het bouwjaar; ankers vormen het monogram “VO”, verwijzend naar de naam van de eigenaar, generaal Van der Oost. Op de volgende traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...), deur oorspronkelijk gevolgd door twee gelijke venstersLicht- en/of luchtopening in een muur., respectievelijk vervangen door een tweede deur en een breed vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. in 1905. Benedenverdieping belijnd met een friesHorizontale band om een muurvlak in te delen of aan de bovenzijde te begrenzen; al dan niet beschilderd of versierd (terracotta, sgrafitto, cementtegels…). van sgraffitiSgraffito (Italiaans, van sgraffiare: krabben), decoratieve muurtechniek waarbij men een donkere pleisterlaag (doorgaans zwart, roetbruin of grijs) met een lichtgekleurde pleisterlaag bedekt; door de bovenste, nog niet verharde, laag weg te nemen volgens een vooraf bepaald grafisch ontwerp ontstaat een verdiepte tekening; de lichtgekleurde pleisterlaag kan bovendien gekleurd worden ‘al fresco’ (op de verse pleister) of ‘al secco’ (op de droge pleister).. FriesHorizontale band om een muurvlak in te delen of aan de bovenzijde te begrenzen; al dan niet beschilderd of versierd (terracotta, sgrafitto, cementtegels…). op het hoofdgestelHoog horizontaal lijstwerk ter bekroning van een gevel. met decor van tweekleurige bakstenen. De dakkapelUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap. uit 1958 vervangt de twee oorspronkelijke dakkapellenUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap., onder tentdak.
Achtergevel herbekleed in 1976.

Louis Bertrandlaan 117, afsluitingmuur van de Edouard Fiersstraat 35 en 37 (foto 2013).

Op nr. 117 Louis Bertrandlaan, omheiningmuur in witsteen met hardstenen sokkel. De muur bestaat uit pijlers1. Muurstut zonder entasis (kromming), mogelijk met basis en kapiteel; - 2. Massief gemetseld of betonnen steunelement met gewoonlijk rechthoekige doorsnede (vb. bruggepijler,…) met vaasvormige topstukken, rond een centrale getraliede toegangsdeur en, oorspronkelijk, twee brede laterale hekken, waarvan links enkel het bovenste kwart is bewaard, na de bouw van de garage in 1964 (n.o.v. architect Pol Bergen).

Bronnen

Archieven
GAS/DS 72-35, 72-37, 176-117.

Opmerkelijke bomen in de nabijheid