De Louis Bertrandlaan, een van de meest statige lanen van Schaarbeek, begint aan de Haachtsesteenweg en verbreedt vanaf de Kesselsstraat en de Hermanstraat. In het noorden eindigt ze aan de Lambermontlaan, in het zuiden wordt ze verlengd door de Azalealaan, voorbij het kruispunt van de Paul Deschanellaan en de Voltairelaan met de ringspoorlijn. Talrijke straten beginnen langs haar tracé, dat bijna 900 meter lang is noordwaarts en 600 meter zuidwaarts.

De laan was de ruggengraat van het plan voor de heraanleg van de wijk Teniers-Josaphat, die werd gevormd door de oude dorpskern van Schaarbeek, ontworpen door Octave Houssa, ingenieur van de gemeentelijke Openbare Werken,. De laan verving de vroegere hoofdweg van de wijk, de Teniersstraat, een straat met een onregelmatig tracé die liep van de Haachtsesteenweg tot het Sint-Servaasplein, ter hoogte van de Hermanstraat, waar ze werd verlengd door de Kleine Bosstraat, die voortliep voorbij de spoorweg (thans de Josse Impensstraat en de Auguste Lambiottestraat). Het wijzigingsplan werd vanaf 1898 uitgewerkt en werd goedgekeurd bij K.B. van 10.02.1902 en definitief bij K.B. van 21.04.1906, in het kader van de aanleg van de Josaphatwijk.

Het was de bedoeling de Haachtsesteenweg te verbinden met de ringboulevard en met een nog aan te leggen openbaar park, het Josaphatpark; zo werd het al verstedelijkte westelijke deel van de gemeente verbonden met de nog braakliggende terreinen in het oosten. Net als de Louizalaan, die het stadscentrum met het Ter Kamerenbos verbindt, moest de laan een prestigieuze verkeersweg worden, een aantrekkelijke, boomrijke promenade naar het park. In de as van de nieuwe Sint-Servaaskerk volgde ze het reliëf van de Maalbeekvallei, vanwaar ze een breed, uitwaaierend panorama bood. In het eerste deel is de laan 40 meter breed, verdeeld in twee stroken van 9 meter breed die worden gescheiden door een centraal plantsoen van 16 meter, voorzien van bomen, gazons en bloemperken. Waar het plantsoen verbreedt, vormt het een groot gazon dat als overgang dient naar het groen van het park.

Plan van de Louis Bertrandlaan met aanduiding van te koop gestelde bouwterreinen (HANOSSET, Y., MARCHI, Ch., [i]L'avenue Louis Bertrand et le parc Josaphat[/i], Brussel, Stad van Kunst en Geschiedenis, Solibel Édition, Brussel, 1995, p. 10).

Om dit ambitieuze project tot een goed einde te brengen, begon de Gemeente Schaarbeek in 1902 terreinen aan te kopen waarop de laan en de aanpalende verkavelingen moesten komen. Hoewel de laan tussen 1904 en 1913 werd aangelegd, werd ze in 1905 officieel geopend en werden de percelen te koop aangeboden. De oude Sint-Servaaskerk, die al sinds de jaren 1870 niet meer werd gebruikt, werd in dat jaar gesloopt om door een nieuw gebouw te worden vervangen (zie Haachtsesteenweg). Het oude gebouw, dat in het hart van de dorpskern stond, langs de vroegere Teniersstraat, bevond zich immers pal in het midden van het tracé van de toekomstige laan. Een bronzen vaas van Godefroid Devreese geeft nu nog de plaats van het koor aan (zie notitie). Enkel de ertegenover gelegen pastorie van de kerk is bewaard (zie nr. 37).

Het was tijdens de gemeenteraadszitting van 07.03.1905 dat de laan haar naam kreeg. Louis Bertrand (Molenbeek, 1856 – Schaarbeek, 1943) was de oprichter van de Belgische Werklieden Partij en van de Lakense Haard; hij was schepen in Schaarbeek van 1895 tot 1921 en minister van staat. Bertrand was een van de sleutelfiguren in de stedenbouwkundige ontwikkeling van Schaarbeek.

Louis Bertrandlaan richting Sint-Servaaskerk.

Om te zorgen voor een bebouwing die het prestige van de laan uitdrukte, werkte de gemeente voor de bouwterreinen strikte verkoopvoorwaarden uit: een minimale kostprijs voor de gevel van 50 francs per vierkante meter, geattesteerd door een materialenbestek, en een minimumbreedte van 6 meter. Voor de loten op de hoek met de Haachtsesteenweg werd zelfs een architectuurwedstrijd georganiseerd (zie nr. 1-3 en 2). Als resultaat van deze eisen werden niet minder dan twaalf woningen in de laan bekroond tijdens de gevelwedstrijden die de gemeente toen organiseerde: nr. 52-54 in de wedstrijd van 1906-1907, nr. 11 en 13, 15, 19, 34, 36, 38 en 42 in die van 1907-1908, nr. 66 en 74 in 1908-1909 en nr. 4 in 1910-1911 (zie deze nummers).

De Louis Bertrandlaan en zicht op het toekomstige Josaphatpark. Op de voorgrond het nr. 52-54 (Verzameling Dexia Bank-KAB-BHG).

De laan werd hoofdzakelijk tussen 1906 en 1910 bebouwd, met overwegend burgerhuizen en opbrengsthuizen. Die laatste bevonden zich hoofdzakelijk op de hoeken en waren de enige panden waarin een handelszaak mocht worden gevestigd. Het eclecticisme overweegt, met gevels die zich al dan niet vrij inspireren op de gotische stijl (zie nr. 19), de Franse of Italiaanse renaissance (zie nr. 1-3 en 2, 15, 117 tot 127-129), of de barok, zoals de persoonlijke woning van architect Maurice Dechamps (zie nr. 66). In de laan is ook de art nouveau goed vertegenwoordigd, met Frans Hemelsoet (zie nr. 38) of Gustave Strauven die, met vijf huizen (zie nr. 43, 55-61, 63-65, 92 en 94-96), de laan een flamboyante toets gaf. De meeste gebouwen in de laan zijn goed bewaard en vormen, tot aan de Jeruzalemstraat en de Edouard Fiersstraat, twee huizenrijen met een opmerkelijke homogeniteit en kwaliteit (zie nr. 2 tot 94-96 en 1-3 tot 127-129). De huizenrij aan onpare zijde wordt slechts op nr. 31-35 onderbroken door een onbebouwd perceel aan de kant van de laan, dat afhangt van scholengroep nr. 1 (zie Bijenkorfstraat nr. 30 en Josaphatstraat nr. 215, 229, 241). Daarnaast omvat ze nr. 87 (1907), waarvan de verdiepingen in 1976 werden gewijzigd.

De Louis Bertrandlaan vanuit het Josaphatpark en met op de voorgrond het Sportpaleis (Verzameling Dexia Bank-KAB-BHG).

Aan pare zijde werd het huizenblok tussen de Jeruzalemstraat en de Voltairelaan oorspronkelijk ingenomen door het Sportpaleis, een gebouw dat eind jaren 1960 werd vervangen door appartementsgebouw Brusilia (zie nr. 98-104). Aan deze zijde werd het volgende straatdeel pas tussen 1928 en 1933 bebouwd, na de aanleg van de spoorlijn onder de Algemeen Stemrechtlaan. De huizen zijn er in art-decostijl (zie nr. 118) of Beaux-Artsstijl, zoals nr. 122 (n.o.v. architect Achille Michel, 1928). Het laatste stuk aan pare zijde, doorheen het Josaphatpark, loopt langs het stadion van de Crossing, recent gerenoveerd (zie Algemeen Stemrechtlaan nr. 22). Ervoor staat een hardstenen monument, het Gedenkteken voor de karabiniers en karabiniers-wielrijders gesneuveld voor het vaderland tijdens de campagne 1914-1918, ontworpen in 1921 (beeldhouwer Fernand Gysen en architect A. Hastat). Het stond oorspronkelijk voor de Prins Boudewijnkazerne aan het Daillyplein en werd later uitgebreid om ook de militaire slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog te gedenken.
Bekijk de weerhouden gebouwen

Bronnen

Archieven
GAS/DS 176-37; 87: 176-87; 122: 176-122.
GAS/OW Dénomination des rues III.
GAS/Bulletin communal de Schaerbeek, 1898, p. 1513, pp. 1544-1554; 1902, pp. 232, 235-239.

Publicaties en studies
DEBOURSE, X., Schaerbeek. Parcours d'Artistes, Arobase Edition, Brussel, 2009, p. 14.

DEROM, P., Les sculptures de Bruxelles. Catalogue raisonné, Galerie Patrick Derom, Brussel, 2002, p. 116.
GUILLAUME, A., MEGANCK, M., Atlas van de archeologische ondergrond van het Gewest Brussel. 16. Schaarbeek, Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Brussel, 2006, pp. 57-59.
HANOSSET, Y., MARCHI, Ch., De Louis Bertrandlaan en het Josaphatpark, Brussel, Stad van Kunst en Geschiedenis, Solibel Edition, Brussel, 1995.

HERMANS, F., KREUTZ, M., Étude et inventaire de l'avenue Louis Bertrand à Schaerbeek, Directie Monumenten en Landschappen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Brussel, 2006.