Typologie(ën)

opbrengsthuis
gelijkvloers met handelszaak

Ontwerper(s)

Stijlen

Neoclassicisme
Art nouveau

Inventaris(sen)

  • Bouwen door de eeuwen heen in Brussel. Stad Brussel (1989-1993)
  • Permanente actualisatie van de inventaris van het Bouwkundig Erfgoed (DPC-DCE)

Dit (deze) goed(eren) bezit(ten) de volgende waarde(n)

  • Artistiek
  • Esthetisch
  • Historisch
  • Stedenbouwkundig

Onderzoek en redactie

2016

id [nl]

Urban : 32775
lees meer

Beschrijving

In oorsprong enkelhuis met neoclassicistische inslag, waarvoor bouwaanvraag van 1875. Bovenverdieping in sobere art nouveauInternationale beweging (1893 - ca. 1914) als reactie op de ‘neo’-stijlen, maar met sterk lokale verschillen. In België kent de stijl twee stromingen, namelijk de florale art nouveau met Victor Horta als boegbeeld en anderzijds de geometrische art nouveau beïnvloed door Paul Hankar of de Wiener Secession. verbouwd, waarvoor bouwaanvraag van 1906.

Lijstgevel
van gele bak-en hardsteen; drie bouwlagen en drie traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) onder mansardedakGebroken kap of Frans dak met met steile ondervlakken en licht hellende bovenvlakken. (leien). Geblokte benedenbouw met later ingebracht winkelraam; resten van sgraffitoversiering. Aangehouden drielichtordonnantie in de bovenbouw : gevelbrede driezijdige erkerRechthoekig of veelhoekig uitbouwsel, als het ware op de gevel geplakt en daardoor deel uitmakend van de achterliggende ruimte; vaak over één of meer verdiepingen gestapeld. met consoles, pilastersPlatte, weinig uitspringende muurpijler, vaak met basis en kapiteel. en bekronend ijzeren balkon op de beletage ; aansluitend centrale rechthoekige erkerRechthoekig of veelhoekig uitbouwsel, als het ware op de gevel geplakt en daardoor deel uitmakend van de achterliggende ruimte; vaak over één of meer verdiepingen gestapeld. waarop dito balkon met postamenten1. Rechthoekig voetstuk van een standbeeld; - 2. Balkvormige stenen bekroning; - 3. Stenen zijstukken van een balkonborstwering., geflankeerd door deurvensters. Typische roedeverdeling in de bovenlichtenBovenste gedeelte van een raam- of deurkozijn, gescheiden door een dwarsregel; soms voorzien van glas-in-lood en/of roeden.. Gebroken klassiek hoofdgestelHoog horizontaal lijstwerk ter bekroning van een gevel.. Drieledige dakkapelUit het dakvlak opgaand venster; meestal in hout en vaak onder spitse kap. met centraal gebogen frontonDriehoekige of segmentvormige bekroning van een gevel of muuropening.. Achtergevels met erkerRechthoekig of veelhoekig uitbouwsel, als het ware op de gevel geplakt en daardoor deel uitmakend van de achterliggende ruimte; vaak over één of meer verdiepingen gestapeld.; pseudogloriette in treillage tegen de gemene muur met Kazernestraat nr. 32. 

Bronnen

Archieven
SAB/OW 25216 (1875), 1005 (1906).