De Terkamerendalsquare is een woonerf gelegen tussen de Émile Duraylaan en de Renbaanlaan. De aanleg ervan was een initiatief van de Compagnie Générale d'Entreprises Immobilières COGENI, en de square werd uitgevoerd volgens het verkavelingsplan dat architect Adrien Blomme in 1924-1925 opstelde. Het ontwerp van dit originele en pittoreske woonerf was geïnspireerd op het golvende en onregelmatige karakter van het beschikbare terrein en herinnert aan Winterslag (Genk, 1910-1930), het eerste geheel van groepswoningen dat de architect verwezenlijkte en dat op hun beurt in de Engelse tuinwijken zijn inspiratie zocht.

De hoofdingang van de square bevindt zich in de Émile Duraylaan, naast nr. 48, en geeft uit op een openbaar plein afgesloten door een bruggebouw bekroond door een torentje dat zich een beetje uit de as naar links bevindt (zie nr. 13-15). Dit bruggebouw vormt op zijn beurt de toegang tot een straat die zich op twee plaatsen in een rechte hoek opsplitst en dan uitmondt op nr. 169 van de Renbaanlaan (zie dit adres).

Verkavelingsplan, [i]Square du Val de La Cambre Ixelles Terrains à bâtir pour hôtels particuliers[/i], 1929, p. 1.

De huidige square omvat in totaal 23 eengezinswoningen en een appartementsgebouw gebouwd tussen 1928 en 1931 volgens de gevel- en materiaalvoorschriften van A. Blomme, die overigens door diverse kopers de bouw van een vijftiental huizen kreeg toegewezen. COGENI bood ook bepaalde loten te koop aan op basis van voorontwerpen getekend door A. Blomme. Enkele huizen werden door andere architecten ontworpen, namelijk: Jean-Florian Collin (zie nr. 21 en 24), Alexis Dumont (zie nr. 5), Émile Closset (zie nr. 7), Jean Hendrickx (zie nr. 19) en Fernand Stiernet (zie nr. 9).

De architectuur in traditionalistische stijl inspireert zich vrij op de middeleeuwen, de renaissance en de barok. Volgens de voorschriften van de architect werden de gevels uitgevoerd in (Boomse) baksteen, versierd met elementen in Euvillesteen (sokkels, banden, zijmuren met hoekblokken, omlijstingen, decors) en soms met hardsteen uit Zinnik en Écaussines (meestal op de sokkels). De daken, zowel mansardedaken als afgewolfde zadeldaken, zijn van leisteen en zijn allemaal met dakkapellen versierd.
De percelen van de huizen zijn ondiep maar maken de ontwikkeling mogelijk van lange gevels met brede vensters, zowel vooraan als achteraan, waardoor veel licht de binnenruimten binnenvalt.

De gevels worden versierd met een wilde wingerd afkomstig uit Azië (Parthenocissus tricuspidata), die een korte en knoestige stam heeft. Hij is geplant aan de voet van verscheidene gevels en vormt een typisch kenmerk van het geheel. Wellicht werd de wingerd er al vanaf het begin aangeplant.

Vermelden we nog de gedenkplaat aan het huis op nr. 21, dat ooit werd bewoond door de schrijver en illustrator Stanislas-André Steeman (1908-1970), die er in 1939 zijn bekende detectiveroman L'assassin habite au 21 schreef.
Bekijk de weerhouden gebouwen

Bronnen

Publicaties en studies
BLOMME, F., À la rencontre d'Adrien Blomme 1878-1940. Sa vie, son oeuvre racontées par Françoise Blomme, Centre International pour la Ville, l'Architecture et le Paysage, Brussel, 2004, pp. 37, 53-57, 150-152.
CULOT, M. (o.l.v.), L'immeuble et la parcelle. Les immeubles à appartements comme éléments constitutifs du tissu urbain. Le cas de Bruxelles 1870-1980, AAM, Brussel, 1982, pp. 133, 138.
HAINAUT, M., BOVY, Ph., Le quartier de la Petite Suisse, Gemeente Elsene, Brussel, 1998 (Op ontdekkingstocht naar de Elsense Geschiedenis, 2), pp. 4.
Square du Val de La Cambre Ixelles Terrains à bâtir pour hôtels particuliers, COGENI, Brussel, 1929.

Tijdschriften
“Habitations groupées”, Rythme, 10, 1951, pp. 5-6.