Typologie(ën)

appartementsgebouw

Ontwerper(s)

Antoine LAENENarchitect1923

Juridisch statuut

Ingeschreven in de wettelijke inventaris op 19 augustus 2024

Stijlen

Beaux-Artsstijl

Inventaris(sen)

Dit (deze) goed(eren) bezit(ten) de volgende waarde(n)

Onderzoek en redactie

2012-2013

id

Urban : 22276
lees meer

Beschrijving

Op de hoek met de Joseph Van Campstraat, appartementsgebouw in Beaux-ArtsstijlPeriode: 1905-1930 De Beaux-Artsarchitectuur is een academische en internationale bouwstijl waarvan de belangrijkste uitgangspunten voortkomen uit de zeer invloedrijke École des Beaux-Arts in Parijs, opgericht in de 19e eeuw. In Brussel ontwikkelt de stijl zich vanaf 1905 en sluit hij aan bij het eclecticisme en bij de tendens om terug te grijpen naar de grote Franse Louis-stijlen van de 18e eeuw – classicerend barok (Lodewijk XIV), rococo (Lodewijk XV) en neoclassicisme (Lodewijk XVI) – onder invloed van de wereldtentoonstelling van Parijs in 1900. De voorkeur voor het Franse academisme ontwikkelt zich in Brussel aanvankelijk via belangrijke realisaties die koning Leopold II toevertrouwt aan architect Charles Girault, die hij in Parijs ontmoet tijdens de wereldtentoonstelling. Voorbeelden zijn de uitbreidingen van het Paleis van Laken, de bouw van het Museum van Tervuren, de arcade van het Jubelpark en de gaanderij-promenade op de dijk van Oostende. Daarna komt deze hernieuwde belangstelling voor de grote Franse stijlen ook tot uiting in talrijke Brusselse woonwijken. De Beaux-Artsstijl komt vooral tot zijn recht in herenhuizen, burgerwoningen, luxueuze appartementsgebouwen, maar ook – en vooral – in prestigieuze semipublieke gebouwen (hotels, banken, bedrijfszetels), waaraan de stijl een respectabele en vertrouwenwekkende uitstraling verleent. Kenmerkend zijn gevels in (imitatie) witsteen en/of rode of oranjekleurige baksteen, versierd met elementen ontleend aan de Franse stijlen van de 18e eeuw, zoals guirlandes, mascarons alsook smeedijzeren borstweringen en deuren. De architectuur onderscheidt zich door een monumentale uitstraling, gerealiseerd door het intensieve gebruik van Franse natuursteen en door het benadrukken van hoek- en inkomtraveeën, die vaak worden uitgewerkt als een rotonde met koepel. Ook de plattegrond evolueert. De traditionele indeling met drie opeenvolgende vertrekken, kenmerkend voor woningen uit de 19e en het begin van de 20e eeuw, wordt aangepast om meer daglicht binnen te trekken. Dat gebeurt onder meer door het gebruik van daklichten, relatief lage plafonds en een flexibelere circulatie binnen het huis., ontworpen i.o.v. industrieel Max Roos en gesigneerd op de benedenverdieping “A(ntoine). LAENEN / arch.”, 1923.

Dezelfde opdrachtgever en architect ontwierpen ook drie andere hoekappartementsgebouwen in de straat (zie nr. 22, 29 en 43).

Opstand van vijf bouwlagen, met één traveeVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) in de Joseph Van Campstraat en vier in de Max Roosstraat, verbonden door een boogvormige traveeVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...). Gevel overwegend in similiBepleistering ter imitatie van natuursteen. en witsteen, baksteen in gevarieerde tinten op de muurdammenParement tussen twee muuropeningen (vensters of deuren) in dezelfde bouwlaag., op hardstenen sokkelHoge plint van een gevel; fungeert als voetstuk in ordonnantie van de gevel.. Sommige traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) in de middelste bouwlagen zijn voorzien van een rondbogige gestapelde erkerRechthoekig of veelhoekig uitbouwsel, als het ware op de gevel geplakt en daardoor deel uitmakend van de achterliggende ruimte; vaak over één of meer verdiepingen gestapeld. met venstersLicht- en/of luchtopening in een muur. met twee monelenStenen vensterstijl., bekroond door een terras voor een drielichtGroep van drie smalle vensters binnen dezelfde omlijsting, onderling gescheiden door deelzuiltjes of stijlen/monelen; centraal venster soms hoger dan beide andere.. Deur onder stenen luifelAfdak boven de ingang van een huis of handelszaak. op geprofileerde consolesVoornamelijk voluut- of S-vormig kraagstuk, soms ook louter decoratief. en vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. boven de deur, geflankeerd door een kleine dienstdeur met getraliede zijvensters onder getandeLijst met kleine repetitieve kubusvormige elementen (tanden); guttae hebben de vorm van een afgeknotte kegel en bevinden zich eerder onder aan een console of triglief. lateiBalkvormig element van hout, steen, beton of metaal dat een muuropening overspant en bovenliggend metselwerk steunt.. Deuren en raamwerkVast of bewegend houten of metalen omlijsting van een ruit binnen een kozijn. grotendeels vervangen. Bewaarde kroonlijstStelselmatig uitkragende geprofileerde lijst boven een muur of een ander belangrijk bouwdeel (entablement). op stenen consolesVoornamelijk voluut- of S-vormig kraagstuk, soms ook louter decoratief.. Bewaarde smeedijzerenTaai, ‘kneedbaar’ ijzer dat ambachtelijk wordt ‘gesmeed’ (gehamerd bij hoge temperatuur) tot decoratieve bouwonderdelen als tuinhekken, borstweringen… borstweringen1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust..

Bronnen

Archieven
GAS/DS 158-45-47.