Typologie(ën)

opslagplaats/loods

Ontwerper(s)

Dit (deze) goed(eren) bezit(ten) de volgende waarde(n)

Onderzoek en redactie

2025

id

Urban : 41871
lees meer

Beschrijving

Voormalig biermagazijn, gebouwd in 1876, gelegen binnen het bouwblok en toegankelijk via een inrijpoort op nummer 17 van de straat. Het magazijn maakte later deel uit van de aanpalende Brasserie et Malterie des Quatre-Vents (zie dezelfde straat, nummers 15, 15A en 15B).

Bakstenen gebouw met puntgevelGevel waarvan de top driehoekig is. op rechthoekig grondplan, bestaande uit vier bouwlagen onder een zadeldakDak met twee hellende dakvlakken.. Drie traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...) met korfboogvormige muuropeningen op de verdiepingen en een centraal rondboogvormigBoog waarvan de kromming een halve cirkel beschrijft. vensterLicht- en/of luchtopening in een muur. in de topgevelHoogste deel van een gevel, vaak driehoekig en/of getrapt., voorzien van een takelarm. Muurankers. Op de benedenverdieping links bevindt zich een rechthoekige inrijpoort (verbouwd); rechts een houten trap naar de eerste bouwlaag. Het schrijnwerkVerzameling van al het (niet-constructief) houten materiaal zoals deuren, vensterkozijnen, erkeronderdelen, kroonlijst, …; bij uitbreiding ook materiaal in aluminium, PVC, ...  werd vervangen.

Interieur. Industriële 19de-eeuwse magazijnarchitectuur, gekenmerkt door troggewelven op de eerste twee bouwlagen. Deze ondersteunen licht hellende, betegelde vloeren met biergoten, mogelijk gemaakt door een dubbele rij van vijftien gietijzerenHard, bros en niet smeedbaar ijzer; gegoten in herbruikbare mallen; meestal gebruikt voor de borstwering van balkons. kolommenCilindervormig steunpunt; vaak voorzien van basis en kapiteel. De kleine en/of dunne variant ervan wordt colonnet genoemd., per verdieping afnemend in diameter. De bovenste bouwlaag heeft een houten vloerplaat en monumentaleZuilen of pilasters die over de volle hoogte of over meer dan één verdieping opgaan, onafhankelijk van de door vensters en bouwlagen gegeven maten. kepers, eveneens ondersteund door gietijzerenHard, bros en niet smeedbaar ijzer; gegoten in herbruikbare mallen; meestal gebruikt voor de borstwering van balkons. kolommenCilindervormig steunpunt; vaak voorzien van basis en kapiteel. De kleine en/of dunne variant ervan wordt colonnet genoemd.. Houten dakspant.

Erfgoedwaarde
Historische waarde

Het biermagazijn is een representatiefDe representativiteit verwijst naar het feit dat het onroerend goed een of meer significante kenmerken heeft in vergelijking met andere onroerende goederen in dezelfde categorie (bijvoorbeeld een typologie): het moet een “goed voorbeeld” zijn dat tal van betekenisvolle kenmerken in zich verenigt. De representativiteit van een goed wordt geëvalueerd in functie van zijn geografische context (lokaal, regionaal, nationaal), zijn chronologische context (is betekenisvol in de sociale, religieuze, politieke, industriële of wetenschappelijke geschiedenis, in de esthetiek), zijn historische architecturale context (bijvoorbeeld, het vertaalt op significante wijze een kenmerk van een desbetreffend tijdperk. Net als voor het bepalen van de zeldzaamheid, is het voor de representativiteit noodzakelijk het goed te vergelijken met andere goederen die tot dezelfde categorie behoren. Een onroerend goed kan representatief zijn voor een bepaalde stijl, typologie, stedenbouwkundig concept of het oeuvre van de ontwerper, enz. voorbeeld van een 19de-eeuwse stedelijke magazijntypologie, gekenmerkt door een gestapelde organisatie van open vloeroppervlakken binnen een compact perceel. Het gebouw werd opgericht in 1876 als biermagazijn en stond functioneel in verband met de nabijgelegen Brasserie et Malterie des Quatre-Vents, een gerenommeerde brouwerij gespecialiseerd in mengbieren zoals geuze en lambiek. Deze brouwerij, uitgebaat door Jean-François Verelst en later door zijn zonen Emile en Victor Verelst, verwierf begin 20ste eeuw nationale en internationale erkenning. Het biermagazijn maakte integraal deel uit van dit productieproces, aangezien mengbieren meerdere jaren op vat dienden te rijpen alvorens tot eindproduct te worden gemengd. Het gebouw getuigt daardoor rechtstreeks van een specifiek en voor Brussel kenmerkend brouwerfgoed.
Daarnaast illustreert het gebouw een typisch organisatorisch principe binnen de stedelijke brouwindustrie, waarbij opslagfuncties niet noodzakelijk op de brouwerijsite zelf werden ingeplant, maar afzonderlijk in het stedelijk weefsel. Dit onderstreept de historische betekenis van het pand als schakel binnen een ruimer industrieel netwerk.

Stedenbouwkundige waarde
De puntgevelGevel waarvan de top driehoekig is. met zijn functionele gevelopeningen, waaronder het centrale takelvenster, is een duidelijk leesbare uitdrukking van deze opslagfunctie en draagt bij aan de herkenbaarheid van het gebouw binnen het bouwblok. Het gebouw is daardoor een betekenisvol element binnen het historische stadsweefsel van Sint-Jans-Molenbeek en bezit het contextuele waardeDe contextuele waarde van een goed hangt af van de manier waarop het met zijn onmiddellijke omgeving in relatie treedt vanuit: - stedenbouwkundig: het markeert een hoek of een perspectiefgezicht, of wordt een baken in het landschap dankzij zijn sterke aanwezigheid (zijn inplanting, zijn opmerkelijke volumetrie); - landschappelijk: het goed dankt zijn landschappelijke kwaliteiten aan zijn bijzondere ligging, of aan de manier waarop de verschillende volumes waaruit het bestaat zijn ingedeeld of ingeplant zijn in het landschap; - esthetisch: het goed onderscheidt zich door de kwaliteit van zijn integratie in of aanhechting aan het stedelijke landschap of het residentiële weefsel; het draagt bij tot een algemeen visueel harmonieus effect van de buurt en tot een aantrekkelijke leefomgeving; - sociaal: een geheel van sociale woningen, een industrieel complex, enz.; - historisch: een oude dorpskern (de eerste gebouwen in een gemeente), eigendommen die vanaf het begin ontworpen zijn als onderdeel van een stedenbouwkundig concept (bijvoorbeeld de burgerwoningen rond het Elisabethpark of het park van Vorst)..

Technische waarde
Het pand beschikt over een uitzonderlijk goed bewaarde draagstructuur uit de tweede helft van de 19de eeuw. De combinatie van gietijzerenHard, bros en niet smeedbaar ijzer; gegoten in herbruikbare mallen; meestal gebruikt voor de borstwering van balkons. kolommenCilindervormig steunpunt; vaak voorzien van basis en kapiteel. De kleine en/of dunne variant ervan wordt colonnet genoemd., stalen balken en troggewelven in de onderste bouwlagen is typerend voor stedelijke biermagazijnen uit deze periode en werd bewust toegepast om het brandgevaar te beperken. Deze constructiewijze, die in Brussel veelvuldig werd gebruikt, vormt een belangrijk technisch en historisch document van vroeg-industriële bouwtechnieken.
Daarnaast zijn specifieke functionele elementen bewaard gebleven die rechtstreeks verbonden zijn met het opslagproces van bier, zoals de hellende vloeren in gebakken tegels met biergoten voor de afvoer van lekkend bier, evenals de takelinfrastructuur met takelarm en takelgat. Deze elementen versterken niet alleen de technische erfgoedwaarde, maar dragen ook bij aan de zeldzaamheidDe zeldzaamheid van een goed wordt bepaald op zowel kwalitatieve (“uitzonderlijkheid”) als kwantitatieve basis (“het zeldzamer worden”), afhankelijk van zijn geografische context (lokaal, regionaal, nationaal), zijn chronologische context en zijn bouwhistorische context (m.a.w. de algehele gangbare productie van die tijd: concept, stijl, materialen, enz.), in verhouding tot de gehele productie van de ontwerper – en dit zowel formeel, functioneel als constructief. Om de zeldzaamheid van een goed te evalueren, dient het te worden vergeleken met andere goederen die tot dezelfde categorie behoren (typologie, chronologie-leeftijd (datering) /periode of tijdstip in deze periode, esthetisch en/of technisch uitzicht, functie, maatschappelijke of historische impact). en authenticiteitDe authenticiteit van een goed wordt beoordeeld op basis van de overeenstemming van de huidige staat met de oorspronkelijke staat. Een goed is authentiek als het plan, de vorm, het concept, de functie, de technieken, de materialen, de decoratie van de interne elementen overeenstemmen met een betekenisvolle, beduidende of kenmerkende staat. Het kan zijn dat een goed een natuurlijke aftakeling heeft ondergaan of een transformatie (bijvoorbeeld vervanging van het schrijnwerk – ramen in het bijzonder, vervanging van winkelpuien) en toch conform blijft aan zijn oorspronkelijke staat (zgn. bewaarde structurele continuïteit). Een goed is authentiek als het oorspronkelijke concept en de functie nog steeds leesbaar zijn (bijvoorbeeld een industrieel complex dat herbestemd is). De transformatie kan dan als een element van zijn geschiedenis worden beschouwd. We moeten bijgevolg de eventuele integratie van waardevolle elementen in de loop van de geschiedenis van het gebouw evalueren. van het gebouw.


Bronnen

Archieven
GASJM/DS 343 (1876).

Publicaties en studies
Bertels, I., et. al., Brusselse pakhuizen. Een beladen toekomst? In Erfgoed Brussel, 8, pp. 4-19.
Boriau, L., Les Brasseries du Nord-Ouest de Bruxelles: Berchem-Sainte-Agathe, Koekelberg, Jette, Ganshoren, Molenbeek-Saint-Jean, Berchem-Sainte-Agathe, ARC-Berchem, 1997.
Inventaire de l’architecture industriel, Molenbeek Saint-Jean, Tôme 2-1, AAM, 1980-1982, fiche 29.
Smekens, W., Structurele analyse van 19e eeuwse brouwerijgebouwen, Brussel, VUB, 2000.