Typologie(ën)

appartementsgebouw

Ontwerper(s)

Stéph. DEVALarchitect1935

Stijlen

Modernisme

Inventaris(sen)

  • Actualisatie van de Urgentie-Inventaris (Sint-Lukasarchief - 1993-1994)
  • Actualisatie van het inventarisatieproject van het Bouwkundig Erfgoed (DMS-DML - 1995-1998)
  • Het monumentale erfgoed van België. Schaarbeek (Apeb - 2010-2015)

Dit (deze) goed(eren) bezit(ten) de volgende waarde(n)

  • Artistiek
  • Esthetisch
  • Historisch
  • Landschappelijk
  • Stedenbouwkundig

Onderzoek en redactie

2010-2012

id [nl]

Urban : 21030
lees meer

Beschrijving

Hoek Generaal Meiserplein en Rogierlaan en Ernest Cambierlaan, modernistisch appartementsgebouw n.o.v. architect Stéph. Deval, 1935.

Acht bouwlagen onder plat dak. Drie bepleisterdeMuur of plafond bedekt met een laag mortel op basis van een mengsel van kalk, gips of cement en zand, met of zonder andere fijne toeslagmaterialen. gevels met doorlopende  borstweringen1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust. en lekdrempels. Die aan Rogierlaan ligt op benedenverdieping aan straatkant en is in risalietRisaliet (Italiaans, van risalto: uitstekend deel), vooruitspringend volume van een gevel dat over de hele hoogte doorloopt en soms hoger is; naar gelang de positie worden er midden-, zij- en hoekrisalieten onderscheiden. op de verdiepingen, de twee andere achter voortuin; die aan Cambierlaan vormt voorbouw. Langs het plein, vier symmetrische traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...). Aan Rogierlaan en Cambierlaan, respectievelijk vier en drie traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...), de laatste smal en met loggia'sOverdekte, halfopen ruimte; schaduwrijke inham in de gevel van een gebouw., de laterale rondboogvormig.

Generaal Meiserplein 14 - Rogierlaan 416 ([i]Bâtir[/i], 44, 1936, p. 782).

Symmetrische benedenverdiepingen langs elke laan. Aan Rogierlaan, oorspronkelijk twee smalle winkels, elk geflankeerd door een “minimale woning” (= bescheiden wooneenheid); het geheel is nu een restaurant. Centrale toegang aan het plein. Benedenverdieping langs Cambierlaan ingericht als “bodega”. Bewaarde puien en deur met afgeronde stijlen, onder twee op elkaar geplaatste betonplaten. Fijne lekdrempels in zwart geëmailleerd gres, net als oorspronkelijk de stijlen en de onderbouwHoge sokkel, reikend tot ongeveer het midden van de toegang; meestal in hardsteen.. Enkele muurdammen met schijnvoegenImitatievoeg in metsel - of pleisterwerk, aangebracht om regelmatige verdeling te bewerkstelligen of bijvoorbeeld natuurstenen parement (simili) te suggereren.. Geplande pergola niet gebouwd; dak tijdens laatste derde van de 20e eeuw voorzien van hoge borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust. met buisreling. SchrijnwerkVerzameling van al het (niet-constructief) houten materiaal zoals deuren, vensterkozijnen, erkeronderdelen, kroonlijst, …; bij uitbreiding ook materiaal in aluminium, PVC, ...  vervangen.

Oorspronkelijk, voortuin bedekt met rustieke tegels en afgesloten met hardstenen afsluiting en roosterwerk waarvan slechts enkele elementen bewaard zijn.

Toegangshal bekleed met rood marmer. Vier appartementen per verdieping, met losse tussenwanden.

Bronnen

Archieven
GAS/DS 82-14.

Tijdschriften
“Un immeuble de petits appartements à Brussel”, Bâtir, 44, 1936, pp. 782-783.