Classicerende barok
Stijlen
Het woord vertalen in het Frans
Periode: einde 17e eeuw – eerste helft van de
18e eeuw
De classiciserende barok (of laatbarok) ontwikkelt zich in Frankrijk als een voortzetting van de barok, maar grijpt sterker terug naar de klassieke vormentaal (regelmaat, de kolossale orde, het gebruik van zuilengangen en koepels). Aan het einde van de 17e eeuw wordt de barokstijl lichter; de kolossale orde verdwijnt geleidelijk en de smeedijzeren decoratie verschijnt in rocailleachtige motieven. De periode wordt ook gekenmerkt door de aanleg van monumentale stedelijke pleinen.
In Brussel blijft het woonhuis trouw aan de traditie van de vorige eeuw (zie barokstijl) en aan de middeleeuwse topgevel. Het barokke decor van horizontale en verticale banden die de geledingen van de gevel benadrukken, blijft behouden, terwijl de topgevel de barokke contouren van de dakranden met hun uiteenlopende vormen bewaart. In laatbarokke topgevels wisselen de trapjes af met gebogen en naar binnen gekrulde vleugelstukken. Ook vensters met kruiskozijnen blijven in gebruik, maar de ruimte tussen de roeden wordt groter zodat meer daglicht kan binnendringen. De ornamentale vormentaal omvat onder meer decoratieve vazen, vuurpotten, bloemslingers, balusters, onderdorpelpanelen met afgeronde hoeken en beeldhouwwerk . Het fronton wordt pas vanaf de jaren 1730–1740 algemeen toegepast. Vanaf 1735, en onder Franse invloed, verschijnen nieuwe dakvormen: het schilddak en het mansardedak.
De meest originele gevels nemen een symmetrische compositie van Italiaanse inspiratie over: zuilen of pilasters, ontleend aan de antieke orde, worden boven elkaar geplaatst. Aangezien ze echter worden aangepast aan de smalle gevels verliezen zij hun oorspronkelijke dragende functie en worden zij gereduceerd tot verticale lisenen.
In de eeuwwisseling van de 17e naar de 18e eeuw blijft baksteen zeer ruim gebruikt, in combinatie met wit- en hardsteen, een kostbaar materiaal dat vooral wordt toegepast voor decoratieve elementen en constructieve onderdelen (plinten, vensterstijlen, lintelen, gebeeldhouwde deuromlijstingen).
De classiciserende barok (of laatbarok) ontwikkelt zich in Frankrijk als een voortzetting van de barok, maar grijpt sterker terug naar de klassieke vormentaal (regelmaat, de kolossale orde, het gebruik van zuilengangen en koepels). Aan het einde van de 17e eeuw wordt de barokstijl lichter; de kolossale orde verdwijnt geleidelijk en de smeedijzeren decoratie verschijnt in rocailleachtige motieven. De periode wordt ook gekenmerkt door de aanleg van monumentale stedelijke pleinen.
In Brussel blijft het woonhuis trouw aan de traditie van de vorige eeuw (zie barokstijl) en aan de middeleeuwse topgevel. Het barokke decor van horizontale en verticale banden die de geledingen van de gevel benadrukken, blijft behouden, terwijl de topgevel de barokke contouren van de dakranden met hun uiteenlopende vormen bewaart. In laatbarokke topgevels wisselen de trapjes af met gebogen en naar binnen gekrulde vleugelstukken. Ook vensters met kruiskozijnen blijven in gebruik, maar de ruimte tussen de roeden wordt groter zodat meer daglicht kan binnendringen. De ornamentale vormentaal omvat onder meer decoratieve vazen, vuurpotten, bloemslingers, balusters, onderdorpelpanelen met afgeronde hoeken en beeldhouwwerk . Het fronton wordt pas vanaf de jaren 1730–1740 algemeen toegepast. Vanaf 1735, en onder Franse invloed, verschijnen nieuwe dakvormen: het schilddak en het mansardedak.
De meest originele gevels nemen een symmetrische compositie van Italiaanse inspiratie over: zuilen of pilasters, ontleend aan de antieke orde, worden boven elkaar geplaatst. Aangezien ze echter worden aangepast aan de smalle gevels verliezen zij hun oorspronkelijke dragende functie en worden zij gereduceerd tot verticale lisenen.
In de eeuwwisseling van de 17e naar de 18e eeuw blijft baksteen zeer ruim gebruikt, in combinatie met wit- en hardsteen, een kostbaar materiaal dat vooral wordt toegepast voor decoratieve elementen en constructieve onderdelen (plinten, vensterstijlen, lintelen, gebeeldhouwde deuromlijstingen).


































