Typologie(ën)

pastorie

Ontwerper(s)

François FABRYaannemer1869

Juridisch statuut

Ingeschreven in de wettelijke inventaris op 19 augustus 2024

Stijlen

Landelijke architectuur

Inventaris(sen)

  • Het monumentale erfgoed van België. Sint-Pieters-Woluwe (DMS-DML - 2002-2009, 2014)

Dit (deze) goed(eren) bezit(ten) de volgende waarde(n)

Onderzoek en redactie

2006

id

Urban : 17633
lees meer

Beschrijving

De pastorij van de Onze-Lieve-Vrouwkerk werd opgericht na de omvorming van de kapelanie van Stokkel tot volwaardige parochie volgens KB van 05.06.1863. Stokkel behoorde voordien tot de Sint-Pietersparochie van Sint-Pieters-Woluwe. De bouw van de pastorie werd in 1869 toevertrouwd aan (aannemer) François Fabry uit Schaarbeek, wiens offerte 13.998 frank bedroeg (JANSEGERS, J., 1963, p. 27). Het gebouw heeft de gebruikelijke bescheidenheid van landelijkePeriode: 18e – 19e – begin 20e eeuw De landelijke architectuur verwijst naar een kenmerkende bouwwijze die voornamelijk bestaat uit boerderijen en landelijke woningen, opgetrokken tussen de 18e eeuw en het begin van de 20e eeuw. Tot het midden van de 19e eeuw was dit type bebouwing wijdverspreid in de Brusselse voorsteden, die toen nog een overwegend landelijk landschap kenden. De bebouwing concentreerde zich vooral rond parochiekerken, in gehuchten, en langs de belangrijkste verkeersassen. Deze bouwwijze, die binnen de vernaculaire architectuur valt, vertoont specifieke architecturale en materiële kenmerken die getuigen van lokale grondstoffen en traditionele vakkennis. De boerderijen komen doorgaans overeen met kleinschalige landbouwbedrijven. Ze bestaan uit een rechthoekige woning, laag en zonder verdieping, die parallel of loodrecht op de weg is geplaatst. De ruimte tussen de weg en de boerderij fungeert als erf. Tot het einde van de 19e eeuw was de stal rechtstreeks verbonden met de woning en vormde zo één geheel. Bijgebouwen (schuur, berging, werkplaats, hooizolder) konden dit geheel aanvullen, afhankelijk van de middelen van de eigenaar. De vierkanthoeve is een variant van dit type, georganiseerd als een gesloten vierhoek of U-vorm rond een centrale binnenplaats. Deze binnenplaats bevatte vaak een mestput, een waterput, een drinkbak of een duiventil. Soms werd de straatzijde van de vleugel monumentaler vormgegeven met een poortgebouw. De constructietechniek maakt voornamelijk gebruik van lokale materialen: baksteen, kalkmortel, pleister en natuursteen (vooral voor sokkels en omlijstingen van openingen). De daken, rustend op een houten gebinte, zijn bedekt met riet, pannen of soms leien. De openingen zijn, indien later niet aangepast, zelden uitgelijnd en vaak van verschillende afmetingen. Sommige behouden hun oorspronkelijke houten latei. Ook zijn ijzeren muurankers zichtbaar in hoefijzer-, I- of X-vorm in de gevels en/of zijgevels. De landelijke woningen (vaak verbonden met tuinbouw) volgen een herkenbare typologie: een eenvoudig, compact bakstenen volume, een gepleisterde of geschilderde gevel, een indeling in traveeën over één niveau met attiek, en een poortdeur die toegang geeft tot een achterliggende berging. pastorieën, aangezien Stokkel ten tijde van de bouw nog slechts een gehucht op het Brabantse platteland was.

De pastorij ligt op ongeveer tien meter van de Onze-Lieve-Vrouwkerk en is een sober bakstenen vrijstaand gebouw met bepleisterdeMuur of plafond bedekt met een laag mortel op basis van een mengsel van kalk, gips of cement en zand, met of zonder andere fijne toeslagmaterialen. gevels onder een schilddakDak met twee driehoekige dakvlakken aan de smalle zijde en twee trapeziumvormige aan de lange zijde.. Aan de rechterkant werd een bijgebouw met plat dak gebouwd (1938). Het gebouw is verdeeld in twee delen, met een centrale inkom en gang in het midden. De symmetrische voor- en achtergevel hebben elk vijf traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...). Aan de straatkant markeert een puntgevelGevel waarvan de top driehoekig is. de centrale toegangstraveeTravee waarin de toegang is ondergebracht..

Bronnen

Archieven
GASPW/DS 324 (1938).