Typologie(ën)

woning

Ontwerper(s)

Édouard FRANKINETarchitect1906

L. VUYLSTEKEarchitect1906

Juridisch statuut

Ingeschreven in de wettelijke inventaris op 19 augustus 2024

Stijlen

Art nouveau

Inventaris(sen)

Dit (deze) goed(eren) bezit(ten) de volgende waarde(n)

Onderzoek en redactie

1997-2004

id

Urban : 3745
lees meer

Beschrijving

Huis in geometrische art-nouveauPeriode: 1890 – 1914 De art nouveau is een kunststroming die zich in Europa voornamelijk tussen 1890 en 1910 ontwikkelt en een duidelijke breuk met de historische stijlen en de academische kunst van de 19e eeuw nastreeft. In België ontstaat de art nouveau in Brussel in 1893 met de bouw van het Huis Tassel door Victor Horta (1861-1947) en de privéwoning van Paul Hankar (1859-1901). Door af te stappen van de traditionele typologie met drie opeenvolgende vertrekken, holt Horta het centrum van de woning uit om er daglicht naar binnen te brengen. Vanuit die lichtkern ontvouwt zich vervolgens de binnenruimte. Hij ontwikkelt een esthetiek die vrijelijk is geïnspireerd op de plantenwereld, terwijl Hankar daar een geometrische vormentaal tegenover plaatst, waarbij hij sterker inzet op de kleureffecten die voortkomen uit het gebruik en de afwerking van verschillende materialen. Uit die twee benaderingen komen twee stromingen voort: de ene is geïnspireerd door de flora, met vloeiende en organische lijnen, de andere vertrekt van geometrische elementen en heeft een strakker en repetitiever vormenvocabularium. De art nouveau wordt toegepast op heel uiteenlopende bouwwerken: burgerwoningen en herenhuizen, schoolgebouwen, sociale woningen en handelszaken. Aanvankelijk wordt de art nouveau ontworpen voor een progressieve en welgestelde burgerij, maar de stijl wordt al snel gedemocratiseerd en groeit uit tot de modieuze vormentaal van een nieuwe generatie architecten. Zij leggen minder nadruk op de complexiteit van de binnenruimtes en meer op de uitwerking van de gevels. De versoepeling van de binnenstructuur van de woning leidt tot een vrijere gevelcompositie, met vensters in uiteenlopende vormen, verfraaid met bow-windows of erkers, loggia’s en balkons. Gevels veranderen bovendien door het gebruik van nieuwe materialen, zoals geglazuurde gekleurde baksteen, mozaïeken, decoratieve keramiek, zuiltjes en metalen lintelen. Daardoor beperkt de art nouveau zich vaak tot een toepassing binnen het eclecticisme, waarbij vooral de zorgvuldig uitgewerkte decoratieve details de geest van de stroming uitdrukken, zoals sgraffito, glas-in-loodramen, smeedijzerwerk en het artistiek ontwerp van het schrijnwerk of van allerlei boogvormige vensters. met asymmetrische compositieTypische gevelopstand bestaande uit twee ongelijke traveeën; in Brussel komt dit geveltype vaak voor met drie bouwlagen volgens verkleinende ordonnantie; de hoofdtravee is meestal breder, rijker uitgewerkt en wordt verder benadrukt door licht vooruit te springen en/of door één of meer balkons; de kelders zijn meestal hoog, wat zich vertaalt in een hoge onderbouw; het grondplan bestaat over het algemeen uit een aaneenschakeling van kamers. n.o.v. arch. Édouard Frankinet en L. Vuylsteke, 1906.

Verspringende traveeënVerticale geleding van een gevel, bepaald door afstand tussen twee opeenvolgende steunpunten (vb. muurdammen, zuilen, ...). Gevel in lichtgekleurde baksteen en hardsteen. Muuropeningen met diverse bogenConstructie waarvan de beschrijvende lijnen delen van cirkels of gebogen lijnen zijn en waarin alle drukkrachten optreden.. Benedenverdieping tot op halve hoogte bekleed met hardsteen. GetoogdBoog die minder dan een halve cirkel beschrijft; boog in de vorm van een cirkelsegment. Bij vensters spreekt men dan van een getoogd venster of steekboogvenster. en getralied tweelichtTweedelige lichtopening, door deelzuiltje gesplitst. in onderbouwHoge sokkel, reikend tot ongeveer het midden van de toegang; meestal in hardsteen.. In toegangstraveeTravee waarin de toegang is ondergebracht. lage deur onder gedrukte boogBoog waarvan de kromming lager is dan de overeenkomstige rondboog. en door afkanting hoefijzerboogBoog die meer dan een halve cirkel beschrijft; boog in de vorm van een hoefijzer. vormend, hoefijzerboogvormige voetenkrabber; tweelichtenTweedelige lichtopening, door deelzuiltje gesplitst. onder entablementHoofdgestel of onderdeel ervan (vb. kroonlijst) als bekroning van muuropening; entablement vaak op consoles.; in derde bouwlaag op lekdorpel met spuwersUitmonding van een goot of waterbekken waarlangs overtollig water wordt afgevoerd. en borstweringpaneel met volutenSpiraalvormig ornament; meestal gebruikt als aanzetstuk van topgevels, bij deur- en vensteromlijstingen of als steunbeer.. In hoofdtraveeBredere en rijker uitgewerkte travee, meestal van een huis met asymmetrische compositie; vaak in risaliet en onder bekronende topgevel. balustradeHekwerk van spijlen of balusters. op benedenverdieping, gebogen balkon met smeedijzerenTaai, ‘kneedbaar’ ijzer dat ambachtelijk wordt ‘gesmeed’ (gehamerd bij hoge temperatuur) tot decoratieve bouwonderdelen als tuinhekken, borstweringen… borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust. tussen postamenten1. Rechthoekig voetstuk van een standbeeld; - 2. Balkvormige stenen bekroning; - 3. Stenen zijstukken van een balkonborstwering. in tweede bouwlaag. In derde bouwlaag drie gelijke en gekoppeldeTwee of meerdere identieke bouwelementen (vensters, zuilen, pilasters) die tot een groter (symmetrisch) geheel zijn samengevoegd. muuropeningen; twee rechter venstersLicht- en/of luchtopening in een muur. verbonden door doorlopend  balkon met smeedijzerenTaai, ‘kneedbaar’ ijzer dat ambachtelijk wordt ‘gesmeed’ (gehamerd bij hoge temperatuur) tot decoratieve bouwonderdelen als tuinhekken, borstweringen… borstwering1. Verhoogd gedeelte van een vestingsmuur waarachter men veilig kan lopen; - 2. Muurtje of hekwerk (balkon, terras); - 3. Deel van een muur tussen vloer en onderzijde van een venster; - 4. Verhoging van de buitenmuren van een huis boven de zolderbalken waarop een muurplaat rust. en consolesVoornamelijk voluut- of S-vormig kraagstuk, soms ook louter decoratief. op kraagsteen met mascaronGehouwen versiering onder de vorm van een (fantastisch) mensen- of dierenmasker.. Bekleding van hoofdgestelHoog horizontaal lijstwerk ter bekroning van een gevel. vandaag verdwenen. SchrijnwerkVerzameling van al het (niet-constructief) houten materiaal zoals deuren, vensterkozijnen, erkeronderdelen, kroonlijst, …; bij uitbreiding ook materiaal in aluminium, PVC, ...  vervangen; bewaard schrijnwerkVerzameling van al het (niet-constructief) houten materiaal zoals deuren, vensterkozijnen, erkeronderdelen, kroonlijst, …; bij uitbreiding ook materiaal in aluminium, PVC, ...  beïnvloed door Wiener Secession1897 – ca. 1914. De Wiener Secession is een Oostenrijkse kunst- en architectuurstroming die zich vanaf het einde van de 19e eeuw over verschillende Europese steden verspreidt. Een groep progressieve Weense kunstenaars, onder wie Joseph Hoffmann, Joseph Maria Olbrich en de schilder Gustav Klimt, richt de stroming op met als doel te breken met de traditionele artistieke conventies. Ze streven naar een radicale, moderne kunst die een verzamelpunt vormt van verschillende disciplines, waaronder architectuur, beeldhouwkunst, schilderkunst, meubilair en toegepaste kunsten. De Wiener Secession situeert zich binnen de geometrische tak van de art nouveau en deelt dezelfde ideologische basis van artistieke vernieuwing en afwijzing van historiserende stijlen. De stroming kenmerkt zich door een hoge kwaliteit van vakmanschap en een kritische houding tegenover massaproductie. Vaak wordt ze toegepast als totaalkunstwerk (Gesamtkunstwerk), waarbij architectuur, interieur, meubels en decoratie een harmonische eenheid vormen. Typische kenmerken zijn gestileerde florale motieven, vloeiende lijnen, geometrische patronen, abstracte ornamenten en een duidelijke aandacht voor proportie en ritme. Ook in Brussel zijn enkele gebouwen in deze stijl gerealiseerd. Het meest opmerkelijke voorbeeld is het Stocletpaleis, langs de Tervurenlaan, dat als manifest van de stroming kan worden beschouwd, naar ontwerp van Joseph Hoffmann. Andere gebouwen betreffen vaak residentiële architectuur uit een latere bouwperiode, waarbij de Wiener Secession zich beperkt tot decoratieve elementen op de voorgevel en vaak wordt vermengd met art nouveau of andere neostijlen.. Opmerkelijk ijzerwerkVerzameling van alle metalen elementen van een gebouw. met cirkel- en spiraalmotieven.

Bronnen

Archieven
GASG/DS 188 (1906).